11 August 2013

5a. Nederlands

{163/10}
BY MIN TAT SINRA SKRIFTUM HAV IK ÉNEN BRÉF FUNDEN.
SKRÉVIN THRVCH LJUD.GÉRT THENE GÉRT.MAN.
BIHALVA SVMLIKA SÉKA THÉR MIN TAT ALLÉNA JELDE.
JÉV IK HIR THAT OTHERA TO THAT BESTA. ~ ~ ~


Bij mijn pa zijn schriften heb ik een brief gevonden,
geschreven door Ljugert de Gertman.
Behalve sommige zaken die mijn pa alleen gelden,
geef ik hier het andere ten beste.

PANG.AB. THAT IS FYF WATERA.
AND HWÉR NEFFEN WI WECH KVME
IS.NE RUN.STRAME FON AFSVNDERLIKA SKÉNHÉD.
AND FIF WATERA HÉTEN
VMB THET FJUWER ORA RUN.STRA
THRVCH SINE MVND IN SÉ FLOJA.

Pangab - dat is vijf wateren,

en waarvandaan wij wegkomen -
is een loopstroom van uitzonderlijke schoonheid,
en 'vijf-wateren' genoemd,
omdat vier andere loopstromen
door zijn monding in zee vloeien.

ÉL FÉRE ASTWARTH IS NOCH.NE GRATE RUN.STRAME
THER HÉLIGE JEFTHA FRANA GONG.GA HÉTEN.

Heel ver oostwaarts is nog een grote loopstroom,

de heilige of vrome Gongga geheten.

TWISK THYSUM RUNSTRAMNE IS.T LOND THERA HINDOS.
BÉDA RUN.STRAMA RUNATH FON THA HAGA BERGUM
NÉI THA DELTA DEL. ~


Tussen deze stromen is het land der Hindos.
Beide stromen lopen van de hoge bergen
naar de laagte (delta) af.

THA BERGA HWANA SE DEL STRAME
SIND ALSA HACH THET SE TO THA HIMEL LAJA.
THÉRVMBE WARTH.ET BERCHTA HIMEL.LAJA BERCHTA HÉTEN.


De bergen waarvanaf ze stromen
zijn zo hoog dat ze tot in de hemel liggen ('laja').
Daarom wordt het gebergte Himel-laja geheten.

VNDER THA HINDOS AND OTHERA UT.A LONDUM
SIND WELKA LJUDA MANK
THÉR AN STILNISE BI MALKORUM KVMA.


Onder de Hindos en anderen uit die landen
bevinden zich lieden
die in stilte bij elkaar komen.

SE GELAVATH THET SE VNFORBASTERE {164} BERN FINDA.S SIND.
SE GELAVAH THET FINDA FONUT.ET HIMMEL.LAJA BERTA BERN IS.
HVANA SE MITH HJARA BERN NÉI THA DELTA JEFTHA LÉGTE TOGEN IS. ~


Ze geloven dat ze onverbasterde kinderen van Finda zijn.
Ze geloven dat Finda uit het Himmel-laja gebergte geboren is,
vanwaaruit ze met haar kinderen naar de delta of laagte getogen is.

WELKE VNDER THAM GELAVATH THET SE MITH HJRA BERN 
VPPET SKUM THER HÉLIGE GONGG.A DEL GONGGEN IS.
THÉRVMBE SKOLDE THI RUN.STRAME HÉLIGE GONGG.A HÉTA.


Welke onder hen geloven dat ze met haar kinderen
op het schuim der heilige Gongga neer gegaan ('gonggen') is.
Daarom zou de stroom heilige Gongga heten.

MAR THA PRESTERA THÉR UT EN OR LOND WECH KVMA
LÉTON THI LJUDA VP SPÉRA AND VRBARNA.
THÉR VMBE NE THURVATH SE 

FAR HJARA SÉK NIT OPENTLIK UT NI KVMA. ~

Maar de priesters die uit een ander land komen
laten die lieden opsporen en verbranden.
Daarom durven ze niet
openlijk uitkomen voor hun zaak (voor hun geloof).

IN THET LOND SIND OLLE PRESTERA TJOK AND RIK.
IN HJARA CHARKA WERTHAT OLLERLÉJA DROCHTENLIKA BYLDON FVNDEN.
THÉR VNDER SIND FÉLO GOLDEN MANK.


In dat land zijn alle priesters dik en rijk.
In hun kerken worden allerlei gedrochtelijke (afgoden-gelijkende) beelden gevonden,
waaronder vele gouden.

BI WESTA PANG.AB THÉR SIND THA IRA JEFTHA WRANGA.
THA GEDROSTNE JEFTHA BRITNE. 

AND THA ORJETTEN JEFTHA VRJETNE.

Bewesten Pangab zijn de 'Ira' of wrangen,
de 'Gedrostne' of gebrachtene (verbannenen)
en de 'Orjetten' of vergetenen.

OL THISA NOMA SIND AR THRVCH THA NIDIGE PRESTERA JÉVEN
THRVCHDAM HJA FON AR FLJUCHTE. VMB SÉDA AND GELAV. ~


Al deze namen zijn hun door de nijdige priesters gegeven
omdat ze daarvoor vluchtten om zeden en geloof.

BI HJARA KVMSTE HÉDON VSA ÉTHLA
HJARA SELVA AK AN THA AST.LIKA OWER FON PANG.AB DEL SET.
MEN VMB THÉRA PRESTAR WILLE SIND SE AK NÉI THER WESTER OWER FAREN.


Bij hun komst hebben onze voorouders
zichzelf ook aan de oostelijke oever van Pangab neergezet,
maar omwille van de priesters zijn ze ook naar de wester oever gevaren.

THÉRTHRVCH HAVON WI THA IRA AND THA OTHERA KENNA LÉRTH.
THA IRA NE SIND NÉNE IRA MAR GODA {165} MINSKA
THER NÉNA BYLDON TOLÉTA NACH ONBIDDA.


Daardoor hebben we de Ira en de andere kennengeleerd.
De Ira zijn geen slechte ('ira') maar goede mensen
die geen beelden toelaten noch aanbidden.

AK WILLATH SE NÉNA CHARKA NACH PRESTAR DOGA.
AND ÉVIN ALS WY.T FRANA LJUCHT FON FASTA VPHOLDA.
ÉVIN SA HOLDON SE OLLERWECHS FJUR IN HJARA HUSA VP.


Ook willen ze geen kerken noch priesters gedogen.
En evenals wij het vrome licht van Fasta ophouden,
evenzo houden zij allerwege vuur in hun huizen op.

KVMTH MON EFTER ÉL WESTLIK
OLSA KVMTH MON BY THA GEDROSTNE
FON THA GEDROSTNE.
THISA SIND MITH ORA FOLKRUM BASTERED
AND SPRÉKATH OLLE AFSVNDERLIKA TALA. ~


Komt men daarna heel westelijk,
dan komt men bij de Gedrostne.
Over de Gedrostne:
Deze zijn met andere volkeren verbasterd
en spreken alle afzonderlijke talen.

THISA MINSKA SIND WÉRENTLIK IRA BONAR.
THÉR AMMER MITH HJARA HORSA VP OVERA FJELDA DWALA.
THÉR AMMER JAGJA AND RAWA
AND THÉR HJARA SELVA ALS SALT.ATHA 

FORHÉRA ANTHA OMHÉMMANDE FORSTA.
THER WILLE HWAM SE ALLES NITHER HAWA
HWAT SE BIRÉKA MUGE. ~


Deze mensen zijn werkelijk slechte moordenaars,
die immer met hun paarden over de velden dwalen,
die immer jagen en roven
en die zichzelf als salt-atha (zoutvrienden, soldaten)
verhuren aan de omwonende vorsten,
ter wiens wille ze alles neerhouwen
wat ze kunnen bereiken.

THET LOND TWISK PANG.AB AND THER GONGG.A
IS LIKE FLET AS FRYA.S LOND AN THA SÉ.
AFWIXLATH MITH FJELDUM AND WALDUM.
FRUCHTBAR AN ALLE DÉLUM.
MAR THET MACH NIT VRLETTA
THAT THÉR BIHWILA THUSANDA BY THUSANDA 

THRVCH HONGER BISWIKE.

Het land tussen Pangab en de Gongga
is gelijk zo plat als Fryas land aan de zee,
afgewisseld met velden en wouden,
vruchtbaar aan alle delen.
Maar dat kan niet beletten
dat er bij wijlen duizenden bij duizenden
door honger bezwijken.

THISA HONGERNÉDE MACH THÉRVMBE NIT AN WRALDA
NACH AN JRTHA WYTEN NIT WERTHA.
MAR ALLÉNA ANTHA FORSTA AND PRESTERA.


Deze hongersnood kan daarom niet aan Wralda
noch aan Jrtha worden geweten,
maar alleen aan de vorsten en priesters.

THA HINDOS SIND IVIN BLODE AND FORFÉRED FROM HJARA FORSTUM
ALS THA HINDNE FROM THA WOLVA. SIND.
THÉRVMBE HAVON THA IRA AN ORA RA HINDOS HÉTEN.
THET HINDNE BITJOTH. {166}


De Hindos zijn even schuw en vervaard van hun vorsten
als de hindes (kleine herten) van de wolven zijn.
Daarom hebben de Ira en anderen hen Hindos geheten,
dat hindes beduidt.

MAR FON HJARA BLODHÉD WARTH AFGRISLIKA MISBRUK MAKTH.
KVMAT THÉR FERHÉMANDE KAPLJUD VMB KÉREN TO KAPJANDE
ALSA WARTH ALLES TO JELDUM MAKTH.


Maar van hun schuwheid wordt afgrijselijk misbruik gemaakt.
Komen er vreemde (verhemende) kooplieden om koren te kopen
dan wordt alles te gelde gemaakt.

THRVCH THA PRESTERA NI WARTH.ET NIT WÉRTH.
HWAND THISA NOCH SNODER AND JIRIGER ALS ALLE FORSTA TO SAMENE.
WYTATH ÉL GOD
THET AL.ET JELD ENDLIK IN HJARA BUDAR KVMTH.


Door de priesters wordt dit niet geweerd
want deze, nog snoder en gieriger als alle vorsten tesamen,
weten heel goed
dat al het geld uiteindelijk in hun buidels komt.

BUTA AND BIHALVA THET THA LJUDA THÉR FUL FON HJARA FORSTA LYDA.
MOTON HJA AK NOCH FUL FON THET FENINIGE AND WILDE KWIK LYDA.


Buiten en behalve dat de lieden daar veel van hun vorsten lijden,
moeten ze ook nog veel van het venijnige en wilde gedierte lijden.

THÉR SIND STORE ELEFANTA THÉR BY ÉLE KIDDUM HLAPA.
THÉR BIHWILA ÉLE FJELDA KÉREN VRTRAPPE
AND ÉLE THORPA.


Er zijn grote olifanten die bij hele kuddes lopen,
die bijwijlen hele velden koren vertrappen
en hele dorpen.

THÉR SIND BONTE AND SWARTE KATTA. TIGRUM HÉTEN
THÉR SA GRAT ALS GRATE KALVAR SIND.
THÉR MINSK AND DJAR VRSLYNNE.


Er zijn bonte en zwarte katten, tijgers geheten,
die zo groot als grote kalveren zijn,
die mens en dier verslinden.

BUTA FÉLO ORA WRIGGUM SIND THÉR SNAKA
FON AF THA GRATE ÉNER WIRME
OL TO THA GRATE ÉNER BAM.


Buiten vele andere kronkeldieren (reptielen?) zijn er slangen,
van de grootte ener worm,
heel tot de grootte ener boom.

THA GRATESTE KENNATH EN ÉLE KV VRSLYNNA.
MAR THA LITHSTE SIND NOCH FRÉSLIKER ALS THAM.


De grootste kunnen een hele koe verslinden,
maar de luttelste (kleinste) zijn nog vreselijker.

SE HOLDON HJARA SELVA TWISK BLOM AND FRUCHTA SKUL.
VMB THA MINSKA TO BIGANA
THAM THÊR AF PLOKJA WILLE.


Ze houden zichzelf tussen bloem en vruchten schuil,
om de mensen te begaan
die daarvan plukken willen.

IS MON THÉR FON BYTEN.
SA MOT MON STARVA
HWAND AJEN HJARA FENYN HETH JRTHA NÉNA KRUDA JÉVEN.
OLSANAKA THA MINSKA HJARA SELVA HAVON 

SKILDICH MAKT AN AFGODJE.

Is men daarvan gebeten,
dan moet men sterven.
Want tegen hun venijn heeft Jrtha geen kruid gegeven,
omdat de mensen zichzelf hebben
schuldig gemaakt aan afgoderij.

FORTH SIND THÉR OLLERLÉJA SLACHT FON HACH.DISKA. NYN.DISKA AND A.DISKA.
OL THISA DISKA SIND YVIN ALS THA SNAKA {167}
FON OF.NE WIRME TIL.NE BAMSTAME GRAT.


Voorts zijn er allerlei slag van hagedissen, nyndissen (?) en waterdissen.
Al deze dissen zijn evenals de slangen
vanaf een worm totaan een boomstam groot.

NÉI THAT HJA GRAT JOF FRÉSLIK SIND.
SIND HJARA NOMA THÉR IK ALLE NIT NOMA NI KEN.


Naar hun grootte of gevaarlijkheid
zijn hun namen, die ik alle niet kan noemen.

THA ALDERGRATESTE A.DISKA SIND AL.GATTAR HÉTEN
THRVCHDAM SE YVIN GRUSICH BITTE AN THET ROTTE KWIK
THAT MITH.A STRAMA FON BOPPE NÉI THA DELTA DRIWETH
AS AN THET LÉVANDE KWIK
THAT SE BIGANA MUGE. ~


De allergrootste waterdissen zijn al-gatter geheten
doordat ze even gretig bijten aan het rotte gedierte
dat met de stromen van boven naar de laagte drijft,
als aan het levende gedierte
dat ze kunnen begaan.

AN THA WEST.SIDE FON PANG.AB WANA WI WECH KVMA.
AND HWER IK BERN BEN.
THÉR BLOJATH AND WAXATH THA SELVA FRUCHTA AND NOCHTA
AS AN THA AST.SIDE.


Aan de westzijde van Pangab, waarvandaan wij komen,
en waar ik geboren ben,
daar bloeien en groeien de zelfde vruchten en noten
als aan de oostzijde.

TO FARA WRDON.ER AK THA SELVA WRIGGA FONDEN.
MAR VSA ÉTHLA HAVON ALLE KRIL.WALDA VRBARNATH
AND ALSANAKA AFTER.ET WILDE KWIK JAGED
THAT THER FÉ MAR RESTA.


Vroeger werden er ook dezelfde reptielen gevonden,
maar onze voorouders hebben alle krielwouden verbrand
en zoveel op het wilde gedierte gejaagd
dat er weinig meer resteren.

KVMTH MAN ÉL WEST.LIK FON PANG.AB
THEN FINTH MAN NEFFEN FETTE ETTA AK DORRA GÉST.LANDA
THÉR VN.ENDLIK SKINA BIHWILA OFWIXLATH
MITH LJAFLIKA STRÉKA HWÉRAN THET AG FORBONDEN BILIWET.


Komt men heel westelijk van Pangab
dan vindt men naast vette klei ook dorre geestlanden
die oneindig schijnen, bijwijlen afgewisseld
met lieflijke streken waaraan het oog verbonden blijft.

VNDER THA FRUCHTA FON MIN LAND
SIND FÉLO SLACHTA MANK
THÉR IK HYR NIT FONDEN HAV.


Onder de vruchten van mijn land
bevinden zich vele soorten
die ik hier niet gevonden heb.

VNDER ALLERLÉJA KÉREN IS.ER AK GOLDEN MANK.
AK GOLD.GÉLE APLE
HWÉR FON WELKE SA SWÉT ALS HUNING SIND
AND WELKE SA WRANG ALS ÉK.


Onder allerlei koren is er ook gouden,
ook goudgele appels,
waarvan welke zo zoet als honing zijn
en welke zo wrang als azijn.

BY VS WERTHAT NOCHTA FONDEN LIK BERN HAVEDA SA GRAT.
THÉR SIT TSIS AND MELOK IN.
WERTHAT SE ALD
SA MAKTH MAN THER OLJA FON. ~


Bij ons worden noten gevonden als kinderhoofden zo groot.
Daar zit kaas en melk in.
Worden ze oud
dan maakt men er olie van.

FON THA {168} BASTUM MAKTH MAN TAW
AND FON THA KERNUM 

MAKTH MAN CHELKA AND OR GERAD. ~

Van de basten maakt men touw
en van de kernen
maakt met kelken en ander gerei.

HIR INNA WALDA HAV IK KRUP AND STAK.BÉJA SJAN.
BY VS SIND BÉI.BAMA ALS JOW LINDA.BAMA.
HWÉR FON THA BÉJA FUL SWÉTER
AND THRÉ WARA GRATER AS STAKBÉJA SIND. ~


Hier in de wouden heb ik kruip- en staakbessen gezien.
Bij ons zijn bessenbomen zoals jouw Lindebomen,
waarvan de bessen veel zoeten
en driemaal groter dan staakbessen zijn.

HWERSA THA DÉGA VPPA SIN OLDERLONGSTE SIND
AND THJU SVNNE FON TOP SKINTH.
THEN SKIN SE LIN.RJUCHT VPPA JOW HOLE DEL.


Wanneer de dagen op zijn allerlangst zijn

en de zon van top schijnt,
dan schijnt ze lijnrecht op je hoofd neer.

IS MAN THEN MJTH SIN SKIP ÉL FÉR SUDLIK FAREN
AND MAN THES MIDDÉIS MITH SIN GELAT NÉI.T ASTEN KÉRED.
SA SKINTH SVNNE AJEN THINE WINSTERE SIDE
LIK SE OWERS AJEN THINE FÉRRE SIDE DVAT. ~


Is men dan met zijn schip heel ver zuidelijk gevaren

en des middags met zijn gelaat naar het oosten gekeerd,
dan schijnt de zon tegen je linkerzijde,
gelijk ze anders tegen je rechterzijde doet.

HIRMITHA WIL IK ENDA ~
MAR AFTER MIN SKRIWE
SKIL.ET THI LICHT NOG FALLA.
VMB THA LÉJEN AFTIGA TELTJAS TO MUGE SKIFTANE
FON THA WARA TELLINGA. ~
JOW LJUD.GÉRT.


Hiermede wil ik eindigen.

Meer na mijn schrijven
zal het je licht nog vallen,
om de leugenachtige vertelsels te kunnen schiften
van de ware vertellingen.
Jouw Ljudgert.

No comments:

Post a Comment